Zwanger En zelfstandig: hoera?! Geplaatst door Helen Dekker op 22-6-2010 10:00:15
Er staat een taart op mijn bureau. Met twee kaarsjes. ‘Er is er een jarig…’ zing ik. De regeling Zwanger En Zelfstandig, die onderneemsters in blijde verwachting voorziet van een verlofuitkering, is deze maand exact twee jaar oud. ‘…hoera, hoera…’ Maar het klinkt niet zoals je voor je eigen, blije peuter de opzwellende trots in je borstkas beteugelt tot een verstaanbare yell.
Is er reden voor een feestje? Niet als je kijkt naar het gesteggel en getreuzel in de jaren die aan de totstandkoming van deze regeling vooraf zijn gegaan. Wat is er allemaal ook alweer gebeurd met en voor zwangere zelfstandigen? Stap in voor een tijdreis back to the future.
Het is 1998. Ondernemers gokken en masse liever op hun goede gezondheid dan te investeren in een rete dure arbeidsongeschiktheidsverzekering. Te risicovol, vindt de overheid en voert de WAZ in, een verplichte aov voor zelfstandigen. En omdat zij sinds de leus een slimme meid is op haar toekomst voorbereid gelijke kansen voor mannen en vrouwen predikt, geldt voor zwangere zelfstandigen zowaar een kleine verlofuitkering. Hoera!
Terug naar af
Het is 2004. Ondernemers klagen over de WAZ: ook te duur, en inefficiënt bovendien. De minister is het gemorrel zat en veegt de voorziening, met verlofuitkering en al, weer van tafel. Gelieve zelf verantwoordelijkheid te nemen voor het risico op inkomensderving. Terug naar die nog altijd rete dure aov dus. Best hoor, maar voor zelfstandigen met een kinderwens extra zuur.
Vrouwen moeten van de verzekeraars onder andere eerst pakweg twee jaar premie betalen om verzekerd te zijn van een uitkering bij zwangerschap. Zoals een assurantieman journalist Marcia Luyten in 2005 in de Volkskrant doceert: 'Je denkt toch niet dat je je kunt verzekeren, zwanger worden en meteen geld krijgen? Ben jij gek. Die verzekeringsbedrijven zouden leeglopen.’
Nederland treuzelt
‘Discriminatie’, aldus advocaten Meike Terhorst en Gabbi Mesters die met hetzelfde bijltje hakken. Maar een rechtszaak, tot aan de Hoge Raad aan toe, haalt niets uit. ‘In strijd met internationale regelgeving om gelijkheid tussen mannen en vrouwen te bewerkstelligen’, zegt de Commissie Gelijke Behandeling. Zij adviseert een nieuwe publieke regeling. Maar de minister blijft treuzelen.
Het is 2007. Terwijl alle EU-landen, Noorwegen en Zwitserland een publieke inkomensvoorziening hebben voor zwangere ondernemers (in België heet het moederschapsrust – wat een heerlijk woord is dat!), word je als werkende vrouw in Nederland in feite ongewild aangezet tot een wel heeeel bijzondere manier van ondernemen: word zwanger in loondienst, zeg daarna je baas vaarwel en start je eigen zaak zodat je werk en zorgtaken beter kunt combineren.
Knijp in je handjes
Juni 2008. Het is zover. En we noemen haar ZEZ. Hoera? Ja. Zoals PvdA-Kamerlid Mei Li Vos in maart dit jaar in Opzij zegt: ‘Nederlandse vrouwen mogen in hun handjes knijpen. Ze krijgen een uitkering en hoeven er niet eens premie voor te betalen.’ Ai, de vinger op een gevoelige plek. Ben je als zelfstandige namelijk ontiegelijk bedreven geraakt in de eigen rok ophouden, ga je je hand ophouden bij de overheid. Dat voelt dubbel.
Troost je. Zo’n 15.000 onderneemsters zijn je sinds de invoering al voorgegaan! En de regeling is vooral een extraatje. Als je er voor en na de bevalling in alle opzichten warmpjes bij wilt zitten, dan kan het zijn dat je dus alsnog al je onafhankelijke en creatieve ondernemingslust moet inzetten. Om met de zoveelste variant op die bekende leus te spreken: een ondernemende meid is op haar zwangerschap voorbereid.
